Marc Mijlemans (mm), idool van Jeroen Maris én mezelf

Geschatte leestijd: 7 minuten

Marc Mijlemans, schaap in Wolfsvacht. De titel van mijn thesis over (mm), ook het idool van Jeroen Maris.

Ooit, lang geleden, wijdde ik mijn thesis aan Marc Mijlemans (mm). De op 28-jarige leeftijd gestorven Humo-journalist die mijn pubertijd heeft gekleurd en mijn muzikale smaak vormgegeven. Ook Humo-journalist Jeroen Maris is fan. Hij vroeg me of hij mijn thesis mocht lezen en dat vond ik uiteraard oké.

Even schetsen hoe ver mijn bewondering voor Marc Mijlemans ging? Elke dinsdag haastte ik me naar de winkel om de Humo te kopen en ging ik op zoek naar de stukjes van (mm), zijn tv-kritieken in ‘Mijl op Zeven’ en zijn LP-recensies op de TTT-bladzijden. Pas daarna las ik de rest.

Veel van de platen die hij bewierookte ging ik trouwens ook kopen, Elvis Costello en David Byrne voorop.

Ik knipte trouwens elk stukje uit en bewaarde dat in een knipselmap die helaas verloren is gegaan. Jammer, die recensies wil ik nog wel eens lezen.

Humo-journalist Jeroen Maris blijkt ook zo’n Marc Mijlemans-fan

Jeroen Maris heeft niet de kans gehad zijn puberjaren te kleuren met die fantastische schrijfsels van Marc Mijlemans. Toen Mijlemans stierf was Jeroen amper twee. Pas in zijn tienerjaren toen “Humo de wereld voor hem betekende” ontdekte hij ‘Mijl op zeven’ in de bibliotheek. Sindsdien heeft het werk van Marc Mijlemans én zijn treurige verhaal hem nooit meer losgelaten. Marc stierf op slechts 28-jarige leeftijd aan kanker, anderhalf jaar nadat zijn vrouw C. was overleden aan een hersenbloeding. Samen lieten ze een dochter Marijke achter.

Vier jaar geleden schreef Jeroen er dit stukje over.

Op een avond had Jeroen nogmaals de naam van zijn grote favoriet door de zoekmachine gehaald en zo was hij op een van mijn “treffende stukjes” (zijn woorden) gebotst. Hij had het over mijn blog over het essay Mannen leggen me alles uit van Rebecca Solnit waarin ze het heeft over de neiging van mannen om vrouwen altijd maar van alles uit te leggen. Daarin vertelde ik over een mannelijke kennis die me eens grondig aan het mansplainen was over (mm), het onderwerp van mijn thesis. En mij niet eens de kans gaf daar ook maar één woord tussen te krijgen. Wie me kent, weet wat dat wil zeggen!

Jeroen wist niet eens dat iemand zijn thesis aan Mijlemans had gewijd, was er heel nieuwsgierig naar en wou die dolgraag lezen. “Kon dat, alsjeblieft?”

Ik ging uiteraard meteen akkoord maar waarschuwde hem dat hij geen grote literatuur moest verwachten. Ik was toen immers nog zo groen achter de oren. Lees maar eens mee wat de mening van mijn promotor was:

“Dit is geen thesis, dit is het dweepstuk van een puberende tiener.”

Volgens Jeroen Maris sprak dat alleen maar in mijn voordeel. Hij was alleszins meer benieuwd naar ‘het dweepstuk van een puberende tiener’ dan naar een droog academisch traktaat.

Even tussen ons? Mensen veranderen in essentie niet

Als ik bewondering heb voor iemand – en die had ik 100% voor Marc Mijlemans – dan uit ik die. Dat deed ik in mijn thesis en dat doe ik nu trouwens nog steeds. Als 55-jarige ben ik een enorm grote fan van Bert Dockx van Flying Horseman en Dans Dans… Mijn bewondering voor het muzikaal talent van die man is fenomenaal en hij weet dat. 🙂 Ik heb ook al een aantal blogs aan hem gewijd, zoals mijn Flying Horseman-feestje op mijn 50ste en een verslag van een muzikale uiteenzetting door Bert Dockx zelf.

Slechts één papieren exemplaar of (mm), niets digitaal

Marc Mijlemans (mm), idool van mezelf en van Jeroen Maris.
Correcties deed ik met een pen. En kijk naar dat lettertype!

In mijn kast vond ik nog één papieren thesisexemplaar – waar mijn reserve-exemplaar naartoe is, god weet het. Nog getypt op een elektrische Brother-typemachine waarbij ik de typefouten met een zwarte stift verbeterde. Een wordbestand heb ik niet. Mijn jeugd verliep nog volledig computerloos. Ja ja, zo oud ben ik al.

De thesis stuurde ik aangetekend naar het huis van Jeroen Maris. Hij zou het laten kopiëren en me daarna meteen het origineel terugsturen.

Een paar dagen later vind ik de volgende mail van Jeroen Maris in de bus:

“Even laten weten dat ik het een heel knappe thesis vind! En natuurlijk begrijp ik de reserves van je promotor indertijd, maar ik lees gewoon de woorden van iemand die door dezelfde bliksem getroffen werd als ik toen ik voor het eerst Mijl las. Mooi!”

Jeroen zou de thesis nog eens rustig herlezen die week en me die dan netjes terugbezorgen. Nu is tijd relatief, dat weten we al sinds de theorie van die andere grote man, Einstein. De thesis heeft een maand of zes in het huis van Jeroen Maris gelogeerd. Ik zag hem pas in augustus terug, met een leuk handgeschreven berichtje van Jeroen erbij:

Héél erg bedankt dat ik de thesis mocht lezen! Zo blijft (mm) toch leven”.

Ook de thesis zelf heeft zijn eigen verhaal

Die thesis over Marc Mijlemans (mm) is er trouwens niet vanzelf gekomen. In mijn tweede licentie liep ik maandenlang de deur van wijlen professor Musschoot plat. Ik wou per se mijn thesis over Marc Mijlemans schrijven maar ze weigerde haar toestemming te geven. Volgens haar was Mijlemans “‘maar’ een journalist, zonder literaire verdiensten”. Bovendien had hij “maar één kortverhaal gepubliceerd in de bundel ‘Mooie jonge goden’, en dat was toch een beetje summier voor een thesis”.

Maar af en toe zit er iemand daarboven die me graag ziet, en dat was ook toen het geval.

Uitgeverij Kritak gaf ‘Mijl op Zeven: Nagelaten Werk’ uit – een late dank u wel daarvoor! –, een selectie van Mijlemans beste tv-kritieken. In februari 1988 kreeg ik een go en begin juni stak ik de afgewerkte thesis bij haar binnen. Wie doet me dat na? Alleen een konijn op Duracell-batterijen.

Toen al een goestendoener

Mijn man noemt me een pitbull. Als ik iets wil, dan ga ik erachter aan, net zo lang tot ik mijn zin krijg. Dat was ook het geval bij mijn thesis over Marc Mijlemans. Geen haar op mijn hoofd dat er toen aan dacht mijn thesis over een of andere lang gestorven Nederlandse of Vlaamse auteur te schrijven. Of over het belang van de komma in de Nederlandse taal, begot. Want ja, die optie had ook wijlen professor Taeldeman me voorgesteld.

Ik zag het ook niet zitten om massa’s bibliotheekboeken te doorploeteren om mijn thesis te doorspekken met allerhande theorie, referenties en duizenden voetnoten. Ik wou gewoon een leuke tekst schrijven over een veel te vroeg gestorven journalist met massa’s literair schrijftalent die mijn puberteit had gekleurd. Mijn eigen ding doen, weet je wel? En dat lukte.

Thesis over Marc Mijlemans (mm) was op drie maanden klaar!

Op drie maanden tijd was mijn thesis over Marc Mijlemans een feit. En dat terwijl ik nog Olen bezocht, zijn geboortedorp waarover hij het zo vaak had in zijn stukjes. Ik ben ook naar Leuven gegaan om zijn thesis over Scott Fitzgerald te lezen. Als verlengstuk heb ik ook nog eens alle boeken van Fitzgerald gelezen om zijn bewondering voor die auteur beter te kunnen plaatsen. En nog haalde ik de thesisdeadline van begin juni.

Elke avond schreef ik vier à vijf pagina’s. Recht uit het hart. Mijn medestudenten vroegen me hoe ik daarin slaagde. Ik zei toen al:

“Als je doet waar je echt zin in hebt en je bezighoudt met een onderwerp dat je passioneert, dan werk je niet, dan speel je. En dan loopt alles vanzelf.”

Nog steeds, na dertien jobs als werknemer én mijn huidige activiteit als freelance copywriter in Gent, is dat mijn motto.

Moraal van het verhaal

Doe wat je graag doet, altijd en overal. Want het leven is zo kort. Denk maar aan Marc Mijlemans (mm) en zijn vrouw C.

Het In Memoriam van Marc Mijlemans, ook wel gekend als (mm).
Het ‘In Memoriam’ dat verscheen in Humo van 15 februari 1987, waarmee ik mijn thesis opende.

Ik speel niet de hele thesis door, wel het besluit…

Besluit thesis Marc Mijlemans
En de twee afsluitende zinnen: … geworden zijn, mits ook zijn verhalen zouden worden gemilderd door het gebruik van humor, zoals aanwezig in “Mijl op Zeven”. Het bewijs van deze stelling vindt men in het verhaal “De Halve Wereld”.

Amai. Ik merk dat mijn schrijfstijl over de jaren toch enorm veel geëvolueerd is. 🙂 En met deze positieve noot sluit ik alweer af. Tot de volgende!

© C’bon, ook copywriter SEO

Waardoor wordt een tekstschrijver een goede tekstschrijver?

Waardoor wordt een tekstschrijver een goede tekstschrijver?

Mieke, van Einstein-kleuter over TSO naar masterdiploma

Mieke, van Einstein-kleuter over TSO naar masterdiploma

Google Mijn Bedrijf biedt massa’s voordelen, vooral lokaal

Google Mijn Bedrijf biedt massa’s voordelen, vooral lokaal

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

  • Kristof

    Marcs recensie over het album ‘Born Sandy Devotional’ van The Triffids uit 1986 is het fraaiste stuk dat ik ooit heb gelezen mbt iemands liefde voor muziek. De bewondering voor deze LP werd destijds ook helemaal op mij overgedragen. Nog steeds één van de meest intense albums die ik ooit heb beluisterd; ogen dicht en je waant jezelf op de dool te midden van de Australian Outback.

    The sky was big and empty
    My chest filled to explode
    I yelled my insides out at the sun
    At the wide open road

    (The Triffids, Wide open road, 1986)

    Een klein postuum dankwoord aan Marc is hierbij dus op z’n plaats, al is het maar omdat ik dankzij hem de band leerde kennen die zich nog het meest treffend liet omschrijven als de jongens die eruit zagen als buren maar klonken als psychopaten.

  • Christine

    Dank je wel voor je reactie! Ik houd van gelijkgestemden. 🙂 Ik herinner me die bespreking van de LP van The Triffids ook nog en ben die plaat ook gaan kopen, naast heel veel andere platen die Mijlemans aanraadde. Hij had een goede muzieksmaak én het talent om dat inderdaad prachtig onder woorden te brengen. Fenomenale man!